Mensen nemen het liefst geen verantwoordelijkheid

Mede verantwoordelijk zijn is niet verantwoordelijk zijn. Als het onduidelijk is wie iets zou moeten doen, gebeurt er vaak niets. Het probleem is alleen, in elke situatie waar meer dan één persoon aanwezig is is niemand honderd procent verantwoordelijk. Gevolg, er gebeurt te weinig en we wachten te veel op elkaar.

‘Pardon,’ zei ik en deed de tweede deur open van een koeling bij de groenteafdeling van de Albert Heijn. De dame naast me, die de eerste deur open had gedaan, reageerde amper tot niet op mijn verontschuldiging.

Ik vond snel wat ik zocht, sneller dan mijn winkelgenoot. Om de tweede deur bij het dichtdoen niet tegen haar aan te gooien liet ik hem open. Al snel vond de dame ook wat ze zocht en ze sloot de deur. Haar deur. De mijne liet ze open.

Een klein voorbeeld. Maar erin verscholen liggen heel veel andere voorbeelden.

Het komt zo vaak voor dat je je af kunt vragen of het nou typisch menselijk is of typisch Nederlands.

Het bordje waarvan je broertje of zusje had gegeten en waarover je moeder vraagt of je het naar de keuken wil brengen – ‘Ik heb het toch niet vies gemaakt?!’ De verpakking die iemand voor je vlak naast de prullenbak gooit – je voelt wel de neiging er iets van te zeggen maar niet de aandrang om het zelf op te rapen. De collega die niet doet wat was afgesproken – ‘Zijn leidinggevende zou hem eens moeten aanspreken!’ Of de medewerker die iets niet doet wat hij wel zou kúnnen doen – ‘Dat is toch niet míjn verantwoordelijkheid?’

Het komt zo vaak voor dat je je af kunt vragen of het nou typisch menselijk is of typisch Nederlands. Is het onze natuur of onze cultuur?

Maar misschien voel je nu allereerst de neiging om op te komen voor de vrouw van de koelingdeur. Misschien vind je dat ik mijn eigen deur had moeten dicht maken. Ik had hem toch ook open gemaakt?

Maar zit er niet altijd ambiguïteit in de voorbeelden hierboven en in al die andere voorbeelden die je zelf kunt bedenken? Van welke situatie waar meer dan één persoon aanwezig is kun je zeggen dat één van hen honderd procent verantwoordelijk is?

Wat maakt dan dat het voor ons zo moeilijk is om dan toch maar honderd procent verantwoordelijkheid te némen als de ander dat niet doet?

Niemand maakt zich continu zorgen om al het leed in de wereld en zelfs niet om alle mensen in hun directe omgeving. Dat is gewoon te veel.

Het antwoord is dat het zowel onze natuur als onze cultuur is.

Allereerst is het typisch menselijk om je zo beperkt mogelijk verantwoordelijk te voelen. Mensen die zich mentaal en fysiek druk maakten om alles en iedereen in de gemeenschap hebben het in de evolutie niet gered. Die verspilden hun energie. Choose your battles is niet voor niks een spreekwoord.

(Nu zijn er vast mensen aan wie je meteen moet denken van wie je vindt dat die zich druk maken om alles en iedereen. Maar ik durf te wedden dat dat reuze meevalt als je naar de feiten kijkt. Niemand maakt zich continu zorgen om al het leed in de wereld en zelfs niet om alle mensen in hun directe omgeving. Dat is gewoon te veel.)

We willen niet meegetrokken worden in de slipstream van andermans gêne.

Het is óók typisch Nederlands om ons op deze manier en in deze mate te onttrekken aan medeverantwoordelijkheid. Beter gezegd, het is typisch westers. Er zijn culturen, en vooral de Aziatische staan daarom bekend, waarin het veel normaler is om je te bekommeren om de mensen om je heen, om je druk te maken over de vraag of iedereen wel doet wat-ie zou moeten doen en om iets te doen wat een ander nalaat.

Wij zijn opgegroeid met de gedachte dat het individu verantwoordelijk is voor zijn daden, voor zijn successen en zijn miskleunen. Dan kunnen we er maar beter voor zorgen dat we niet te veel betrokken zijn bij de ander. We zouden zomaar meegetrokken kunnen worden in zijn slipstream van gêne.

Voor de duidelijkheid, deze typisch westerse mentaliteit kon alleen maar ontstaan omdat we als dier hier dus voor geprogrammeerd waren. In onze cultuur is de volumeknop alleen wat hoger gezet dan in andere.

Niemand van ons wordt ooit een fulltime weldoener.

Weer terug naar de koeling. Was deze westerse vrouw bezig met de vraag of ik iets deed waar zij sociaal gezien last van zou ondervinden? Nee, niet bewust, nee. Maar haar aangeboren talent en aangeleerde gewoonte zich te onttrekken aan wat anderen doen leidden er wel toe dat ze automatisch niet met mijn deel van de wereld bezig was.

Het slechte nieuws is: niemand van ons wordt ooit een fulltime weldoener. (Maar goed, je kunt je afvragen voor wie het goed nieuws zou zijn als dat wel in het verschiet lag. Doodmoe zouden we ervan worden, de weldoener én de welgedanen. De evolutie heeft het niet voor niets uitgesloten.)

Het goede nieuws is: we kunnen wel léren om ons parttime te bekommeren om de vage gebieden van medeverantwoordelijkheid. De Chinezen hebben het bewezen.

Zoek elke dag tenminste één ding wat je kunt oppakken wat een ander ook had kunnen doen.

Maar hoe dan? vraag je je nu wellicht af. Welaan, klein beginnen, zou ik zeggen. Begin bij een koeling van de Appie. Of sta sowieso even stil voor je een winkel in loopt en neem je dan voor op de anderen in de winkel te letten. Kijk wat je kunt doen. Doe hetzelfde thuis of op je werk.

Zoek elke dag tenminste één ding wat je kunt oppakken wat een ander ook had kunnen doen. Alleen al het zoeken zal je anders doen kijken en daarom anders doen handelen.

En vergeet je kinderen niet, als je die hebt. Geef hun soortgelijke opdrachtjes: het bordje van hun broertje of zusje naar de keuken brengen, een (niet te vies) papiertje van straat in de prullenbak gooien, een onbekende voor laten gaan de winkel in, speelgoed weggeven, en vooral zelf laten nadenken wat ze vandaag voor een ander kunnen doen.

En maak daar een leuk spelletje van. Daag ze uit. Beloon ze. Doe mee.

Uiteindelijk heb ik de koeling maar dicht gedaan. Dat was mijn kleine oefening voor die dag. Mijn volgende oefening wordt om geen mening te hebben over de mevrouw die de deur open liet…


Olav de Maat is organisatieadviseur, sociaalgedragscoach en schrijver (en soms spreker). Hij heeft een boek, een Facebookpagina, een bedrijf, een dochter, een hond en een vriendin.


 

Advertisements