Tijd voor een klassieker: de middelvinger in het verkeer. En tijd om die eens te fileren, want gek genoeg is dat met dit cliché nog nooit gebeurd.

Niet zo lang geleden had ik er een te pakken. Op de snelweg. De reden voor de automobilist die ’m mij gaf: ik naderde hem wat dicht toen hij langzamer dan ik had verwacht van de meest linker baan naar rechts ging. Toen ik hem inhaalde, verscheen er een kaarsrechte middelvinger in de linker onderhoek van z’n zijraam en kreeg ik een strakke norse blik van de bestuurder die aan de vinger vast zat.

De reden dat ik te dicht achter de beste man reed was dat ik m’n cruisecontrol aan had gezet op het moment dat zijn licht naar rechts knipperde. Daardoor vermeerderde mijn auto snelheid. Maar dat ging te snel ten opzichte van zijn naar-rechts-gaan, waardoor ik even kort dicht achter hem reed. Mijn fout. Niet netjes gedaan.

Maar, de obvious vraag is natuurlijk waarom de man dát reden genoeg vond om een onbekende op een van de meest laatdunkende manieren non-verbaal te bejegenen.

Sowieso vind ik dat je een middelvinger alleen als grapje hoort te gebruiken en ook bij de grootste ruzies met bekenden blijft-ie ongepast, als je het mij vraagt. Bovendien vind ik onbekenden uitschelden niet kunnen. En zelfs iemand terechtwijzen die je niet kent is iets dat je met de grootste voorzichtigheid moet doen. Hoe dan ook, ik ben er niet van, middelvingers.

En zelfs als ik er wel van zou zijn, klopt het niet. Want waarom zou je een vreemde die iets doet dat je niet zint waarvan je de reden niet kent überhaupt een veroordelend gebaar toewerpen? Daar zitten, naast het veroordelende gebaar, dat ik zojuist al heb veroordeeld, twee dingen in die mijn veroordeling rechtvaardigen: (1) je kent de ander niet en (2) je weet niets van de ander.

Als je een ander kent, heb je een relatie met die persoon – en niet in de vorm van een romantische relatie, maar in de vorm van contact, interactie, elkaar (leren) kennen. Je hebt een geschiedenis samen. Je kunt een potje breken bij elkaar. Je weet hoe de ander tikt. Heb je die niet, dan weet je niet hoe de ander reageert op jouw gedrag. Dan weet je niet of je kunt doen wat je thuis ook doet. Het kan best dat die meneer in die auto zijn vrienden regelmatig zijn middelste vinger laat zien en dat het weinig om het lijf heeft voor hem, maar dat weet ik niet. Net zo goed als hij niet weet hoe ik denk over middelvingers.

Als je iets van een ander weet, dan ken je zijn historie. Dan weet je waarom-ie dingen doet. Dan ken je de voorgeschiedenis van zijn daden. Dan weet je bijvoorbeeld hoe hij kwam tot een te dichte nadering van jouw voertuig. Dan zeg je in zo’n geval (waarschijnlijk): ‘Kan gebeuren.’ En als je echt je punt wilt maken: ‘Let de volgende keer wel een beetje op, hè?’

Nu kan het zo zijn dat het heerschap dat mij vermanend de vinger gaf met zichzelf heeft afgesproken dat hij niemand – maar dan ook níémand – meer zou tolereren die hem op de snelweg dicht zou naderen. En misschien had hij er een heftige reden voor. Misschien is een vriend van hem wel verongelukt door bumperkleven en wil hij sinds dat moment iedereen (op zijn eigen manier) waarschuwen voor de gevaren ervan. Maar ook dan moet hij beseffen dat we elkaar niet kennen en niets van elkaar weten. Hij moet zich realiseren dat ik niet kan weten dat hij iemand is die zijn frustratie doorgaans uit door zijn middelvinger te laten zien en dat hij gefrustreerd is door mensen die elkaar te dicht naderen op de snelweg vanwege zijn vriend die verongelukt is.

Maar goed, dit is (wellicht) allemaal heel interessant, maar het zegt alleen maar hoe onterecht een middelvinger in het verkeer is (volgens mij). Het zegt nog niks over waarom deze beste man het desalniettemin deed.

Allereerst denk ik dat hij niet zo denkt als ik. Sterker, hij denkt  waarschijnlijk überhaupt niet na over dit soort interacties. Hij doet. Als zijn middelvinger iets aantoont is dat hij niet van gedachten maar van acties is. Anders had ik hem wel peinzend aan mijn rechterkant voorbij zien gaan, turend naar de horizon, toen ik hem inhaalde, in gedachten verzonken over de vraag waarom iemand hem zo dicht naderde.

Daarnaast denk ik dat hij, zij het onbewust, oprecht iets duidelijk wilde maken. Wat dat iets is, dat weet ik niet, omdat ik niets van hem weet. Ik kan alleen maar raden. Een paar gokken. Hij voelt zich king of the road en niemand – maar dan ook níémand – fuckt met hem. Hij heeft een hekel aan mensen zoals ik (blanke mannen met een baard en een zwarte Renault Mégane). Hij had een rotdag gehad en vervloekte iedereen die daar alleen nog maar een rottiger dag van maakte. Hij heeft echt slechte ervaringen met bumperklevende mensen. Hij had net een peperkoek op en was zijn vinger aan het aflikken.

Mijn hele punt is precies dat: ik kan blijven gokken tot ik een ons weeg. Want wat weten we nou van elkaar als we op de snelweg zitten? Net zoals ik vind dat hij niet het recht heeft om mij op wat voor manier dan ook te verwensen, vind ik ook dat ik niet het recht heb om hem op wat voor manier dan ook te veroordelen. Zelfs niet als hij mij bejegent op een manier die ik écht niet vind kunnen. Wat weet ik nou van hem?


Als je dit blog waardeert, laat dat dan zien: volg dit blog of like Fellow Man op Facebook. Dank je!

Advertisements

2 thoughts on “De gefileerde middelvinger

  1. Ha Olav,

    Hierbij wens ik je alle goeds voor 2016 toe.
    Lang niet gesproken. Goede verhaal! Ik lees je schrijfsels graag.

    Groeten Gydo

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s