Sinds de Parlementaire enquêtecommissie Woningcorporaties in juni met haar openbare verhoren begon, zijn er al een hoop interessante mensen voorbij gekomen. Iedereen heeft wel iets te zeggen over de financiële debacles die feestnummers als Vestia hebben veroorzaakt.

Dinsdag bijvoorbeeld was het de beurt aan Ronald Paping. Hij pleitte voor andere machtsverhoudingen binnen de volkshuisvesting. Volgens hem is de positie van huurders bij de verzelfstandiging van de woningcorporaties nooit goed geregeld. ‘Als er macht is, moet je die op een of andere manier controleren. Anders ben je volledig afhankelijk van de bestuurder van een corporatie,’ zei Paping. ‘De verdeling in zeggenschap tussen huurders en verhuurders moet anders geregeld en institutioneel vastgelegd worden. Huurdersorganisaties kunnen hun rol nu onvoldoende waarmaken.’ Meneer Paping is directeur van de Woonbond, de landelijke belangenvereniging van huurders en woningzoekenden.

Ook mevrouw Daphne Braal mocht eerder die dag haar zegje doen. Zij vond dat het financieel toezicht onderbrengen bij het ministerie niet leidt tot verbetering. Een verscherpt en verbreed toezicht door het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting (CFV) zorgt daar volgens haar wel voor. Heel toevallig is mevrouw Braal de huidige directeur van het CFV.

Deze maand mogen mensen als Paping en Braal hun visie geven op de oplossing voor de systematische problemen binnen woningcorporatieland. Eerder, in juni, kregen belanghebbenden en deskundigen de kans hun steentje bij te dragen in de reconstructie van het falende systeem. Oud-voorzitter (en enig lid) van de raad van bestuur en oud-algemeen directeur van Vestia Erik Staal, die bij zijn vertrek 3,5 miljoen mee kreeg, mocht ook aantreden. Zijn betoog kwam erop neer dat hij zichzelf, ondanks het feit dat hij eindverantwoordelijk was geweest, niet verantwoordelijk achtte voor het financiële gedoe binnen zijn corporatie. Hij maakte vooral verwijten aan een accountant. Die zou hebben verklaard dat Vestia op de goede weg zat.

Marcel de Vries, tot 2011 Vestia’s schatkistbewaarder, bekende ook geen schuld en toonde expliciet geen berouw. In z’n eentje was hij jarenlang verantwoordelijk voor de derivatenafdeling van Vestia, de club die voor twee miljard de boot in ging. Daarmee deed Vestia het hele systeem van woningcorporaties, dat gezamenlijk als financiële buffer voor elkaar optreedt, op zijn grondvesten schudden. Met speculaties met allerlei exotische beleggingsproducten probeerde hij geld te verdienen voor Vestia, achteraf dus niet bepaald met succes. Zijn mening: ‘Had de overheid meegewerkt, dan was Vestia er zonder kleerscheuren vanaf gekomen. Ik heb geen spijt en voel me niet verantwoordelijk dat twee miljard euro is verdampt. Daarvoor moet u bij de minister zijn.’ Volgens De Vries en zijn baas Staal wilde de toenmalig minister van Binnenlandse Zaken zo snel mogelijk van alle derivaten af, waarmee volgens hem de kans om er geld aan te verdienen verdween. Dat het hele slechte, enorm risicovolle financiële producten waren, dat vertelde Marcel er niet bij tegen de parlementaire commissie.

Grappig, toch? In de reconstructie bepleit de ene na de andere verantwoordelijke persoon dat hij geen verantwoordelijkheid draagt voor de ellende. En in de recentere gesprekken jeuken de handen van de gehoorden om zo snel mogelijk de verantwoordelijkheid te krijgen om de ellende de volgende keer te voorkomen. Het lijkt wel of de hoofdrolspelers uit het Vestia-drama niet het vermogen hebben om schuld of schaamte te voelen en de aspirant-hoofdrolspelers niet het vermogen om te doorzien dat ze zich in een slangenkuil willen werpen. Alle betrokkenen lijken overdreven optimistisch over hun eigen capaciteiten. Niemand denkt het fout te kunnen doen. Dat doen alleen anderen.

Het is de aloude zelfmisleiding. Mensen organiseren hun geheugen zo, dat ze zichzelf, zoals ze zichzelf kennen, blijven herkennen. Als ze iets doen dat negatief afwijkt van hun zelfbeeld, dan reconstrueren ze de herinnering aan die daad zodanig dat die zo positief mogelijk uitvalt. En dat doen ze niet bewust. Zo zijn ze gewoon, mensen.

Zelfmisleiding heeft voordelen op het gebied van samenwerken. Mensen zijn eerder geneigd met anderen samen te werken als ze vertrouwen hebben in de betrouwbaarheid van de ander. Een ander komt meer betrouwbaar over naarmate hij zich betrouwbaar gedraagt. De bioloog Robert Trivers heeft uitgelegd waarom het dan handig is om jezelf te misleiden. Als bedriegers denken dat ze het goede doen, zullen anderen symptomen van schuld (rood worden, stotteren, weg kijken, en zo voort) niet bij hen kunnen detecteren. Simpelweg, omdat die symptomen er niet zijn. Daarom, zegt Trivers, is de eerste stap in het misleiden van anderen om heel goed te zijn in het misleiden van jezelf. Volgens de bioloog is er een evolutionaire wapenwedloop geweest waarin het vermogen tot zelfmisleiding het moest opnemen tegen het vermogen om bedrog te detecteren.

Met andere woorden, we zijn biologisch geprogrammeerd om onszelf en daarmee anderen te misleiden, omdat zelfmisleiding ons aantrekkelijker maakt als partner voor samenwerking. Zelfmisleiders komen betrouwbaarder over, hoe gek dat ook moge klinken.

Mevrouw Braal en de heren Paping, Staal en De Vries zullen dus wel meesters in zelfmisleiding zijn. En wij, als ontmaskeraars van misleiders als Staal en De Vries, zullen dan wel meester-ontmaskeraars zijn. Maar, het interessantst is de vraag of wij onszelf met deze ontmaskering niet weer heel goed misleiden. Want, denken we nou echt dat wij in hun positie het héél anders zouden doen? Vast wel, want anders zouden we onszelf, zoals we onszelf kennen, niet meer herkennen.

Advertisements

2 thoughts on “Wie een miljard verliest, werpe de eerste steen

  1. Ook mevrouw Daphne Braal mocht eerder die dag haar zegje doen. Zij vond dat het financieel toezicht onderbrengen bij het ministerie niet leidt tot verbetering. Een verscherpt en verbreed toezicht door het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting (CFV) zorgt daar volgens haar wel voor. Heel toevallig is mevrouw Braal de huidige directeur van het CFV.

    Is niet toevallig hoor! Ze is het gewoon – directeur dus. Ze heeft argumenten voor dit voorstel. Als je die niet wilt vermelden, moet je het misschien dit niet opschrijven in dit stuk. Ze heeft namelijk nergens, en ook niet bij de enquete commissie, betoogt dat het verscherpt en verbreed toezicht bij het CFV moet worden ondergebracht. Ze heeft alleen betoogt dat het ministerie in deze situatie geen goede toezichthouder kan zijn. Later heeft de enquete commissie expliciet aangegeven dat zij denken dat het CFV deze toezichtstaak moet krijgen. Maar daar had mevr. Braal – tenminste dat vermoed ik – verder geen invloed op.

    Zo zit misleiding – en ook zelfmisleiding – in een klein hoekje.

    1. Beste Bertus, dank voor je reactie. Ik vermoed dat jouw bron zich of jijzelf je dichter bij mevrouw Braal bevind(t) dan ik. Mijn informatie komt uit de krant en daar was mevrouw Braal een van de mensen die getuigden voor de enquêtecommissie die (volgens de informatie van de krant, die de argumenten van mevrouw Braal niet vermeldde) dat in hun eigen straatje deden. Wat de waarheid m.b.t. mevrouw Braal is in deze laat ik aan jou, aangezien jij haar beter lijkt te kennen dan ik. En als ik haar onterecht in deze context heb vermeld, dan spijt me dat. Maar, mijn punt blijft dat mensen doorgaans niet verder kijken dan hun eigen straatje. Vandaar ook dat ik vermoed dat jij, als districtsadviseur bij CFV, mevrouw Braal beter kent dan ik.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s