Negen jaar geleden heb ik voor het eerst én voor het laatst vakantie gevierd in een Turks all-inclusive hotel. Ik ben nog nooit zo uitgerust terug gekomen van vakantie. En, al was het maar een week, ik heb nog nooit zo veel tijd doorgebracht op zo weinig vierkante meters tussen zo veel onbekenden.

Op een ochtend van die vakantieweek, zoals elke ochtend tijdens die week, installeerde ik me met Gosse en Rudy (de twee vrienden met wie ik daar was) op de ligstoelen naast de zwembaden. We rolden de handdoeken, die op de stoelen klaar lagen, uit, draaiden de stoelen in het verlengde van onze schaduw en vleiden ons neer.

Toen we goed en wel lagen, beende een klein mannetje in zwembroek op ons af. Bij ons aangekomen liet ie met bijna overslaande stem weten dat we op “zijn” stoelen lagen. Zonder ons een gelegenheid te geven iets te zeggen, ging hij door dat hij die ochtend om 6:00 uur was aangekomen in het hotel en dat hij, voordat hij even ging slapen om bij te komen van zijn nachtelijke vlucht, een paar handdoeken had klaar gelegd op de ligstoelen waar wij nu op lagen. Om zijn pleit te onderstrepen, herhaalde hij een paar keer dat hij amper had geslapen.

We keken, al loom van de ochtendzon, om ons heen naar de tientallen ligstoelen, waar de opgerolde handdoeken van het hotel lagen te wachten op hun klanten voor de dag. ‘De badmeester legt elke ochtend op álle stoelen handdoeken,’ zei ik. ‘We wisten niet dat u deze speciaal voor uzelf had neergelegd.’ De man negeerde mijn opmerking en sputterde verder. Gosse probeerde bereidwillig: ‘Als u wilt, schuiven we onze stoelen wel een stukje op. Dan kunt u die stoelen daar,’ hij wees naar een setje ligstoelen naast hem, ‘nemen en hier neer zetten.’

De man had volgens mij verwacht dat we ruziezoekers waren en leek even van z’n stuk gebracht door onze niet-haantjesachtige reacties. Hij keek een beetje wanhopig en bozig om zich heen, herhaalde toen mompelend dat ie die ochtend om 6:00 hier speciaal handdoeken had neergelegd, zei dat ie het echt niet vond kunnen en liep toen met gefrustreerde pasjes weg.

We lieten dit voorval een uurtje onze ochtend verpesten, want ondanks onze rustige reacties, voelden we alledrie wel de spanning van de aanvaring. Maar al snel dachten we ‘zijn probleem,’ en verdeden onze dag met zonnen, lezen, slap ouwehoeren en duiken, bommetjes maken en menselijke torens bouwen in het zwembad.

Het feit, dat dit voorval na negen jaar nog steeds vers in m’n geheugen ligt, zegt iets. Oké, mijn reconstructie hierboven zal niet helemaal historisch juist zijn, maar het mannetje, z’n boodschap en de sfeer herinner ik me alsof het gisteren was. Ik denk dat dat komt, omdat ik het zo’n typisch voorbeeld vind van iemand die onterecht zijn recht komt halen. En, omdat zijn opgefoktheid een enorme stijlbreuk was met de verder zo relaxte sfeer van die ochtend; vakantie, zonnetje, plek zat.

Ik snap dat hij teleurgesteld was dat zijn – vast secuur uitgekozen – plekje, ingenomen was door drie snotapen, maar als die snotapen zich van geen kwaad bewust zijn, je een net zo goed alternatief bieden en je met respect behandelen, én als je op vakantie bent, het zonnetje schijnt en er plek zat is, wat is dan je probleem? Misschien was het feit dat hij weinig geslapen had de eigenlijke reden dat hij zo opgefokt was en waren wij alleen de aanleiding. Maar, dat denk ik niet. Hij kwam op me over als zo’n type dat z’n recht wil halen, ook al heeft ie het al.

Maar, dat klinkt te gemakkelijk om te zeggen, ‘zo’n type.’ Het is gemakkelijk om te zeggen, dat zo’n mannetje, dat zich zo druk maakt over z’n ligplekje, met een chartervlucht en bustransfer naar Kusadasi gaat en daar een hele week all-inclusive gaat zitten wezen, zo anders is dan ik. Want, is dat echt zo?

Ik was daar ook gekomen met een chartervlucht en bustransfer en ik was daar ook de hele week all-inclusive aan het wezen. Wie zegt dat het voor hem niet ook de eerste en laatste keer was? En vooral, ik ben ook wel ’s niet van m’n verongelijking af te krijgen, ook al is de ander zich van geen kwaad bewust, biedt ie me een net zo goed alternatief en behandelt ie me met respect. Ik mag me dan misschien wat minder druk maken over het reserveren van ligstoelen aan een zwembad, maar er zijn genoeg ándere dingen waarvan ik vind dat ik er recht op heb.

Als ik aan de beurt ben in de winkel en iemand zegt dat hij aan de beurt is, voordat ik wat kan zeggen. Als ik goed werk heb gedaan en ik krijg er geen erkenning voor van mijn manager. Of als ik wacht op iemand op een afgesproken tijdstip en hij komt drie kwartier later. Het maakt dan in eerste instantie niet uit hoe die ander reageert, ik heb m’n mening al klaar. Het duurt dan vaak nog wel een tijdje voor ik open sta voor de “andere kant”.

En zo heb ik nog veel meer van die situaties, die wel beschouwd totaal onbelangrijk zijn, maar op het moment zelf al mijn frustratie waard lijken. Iedereen zal ze wel hebben. Volgens mij onderscheiden de echte helden in deze zich niet door de coole reacties die ze geven op de frustratie van de ander, maar door de bereidheid om in hun eigen frustratie de coole reacties van de ander te kunnen horen.

Dat het handdoek-op-ligstoel-mannetje niet zo’n held was, kan ik hem niet aanrekenen, want there but for the grace of God, go I. (Heb ik die uitdrukking ook eindelijk ’s gebruikt.)

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s